Omvang christenslavernij onderschat

Historisch Nieuwsblad 5/2008

Omvang christenslavernij onderschat

‘Wie koopt een kristen?’

Door: Maurice Blessing

De memoires van Europese slaven in islamitisch Noord-Afrika zijn lang afgedaan als ‘zielige verhalen’. In enkele gevallen is er zelfs opzichtig met cijfers gesjoemeld om het fenomeen te kunnen minimaliseren. Maar recente buitenlandse studies tonen aan dat de slavernij van christenen in ‘Barbarije’ geen marginaal verschijnsel was, en het lot van de slaven weinig benijdenswaardig.

Een kleine greep uit de tekst:

 

Genocide

Het relaas van Cornelis Stout over zijn ervaringen als slaaf in ‘Barbarije’ – naar ‘Berbers’, de oorspronkelijke inwoners van de huidige Noord-Afrikaanse kuststaten Libië, Tunesië, Algerije en Marokko – is in 2006 voor het eerst gepubliceerd. Stouts verhaal komt op de moderne lezer vreemd en tegelijkertijd vertrouwd over. Vreemd, omdat ons beeld van het oeroude fenomeen slavernij sinds decennia wordt gedomineerd door zwarte Afrikanen die door blanke handelaren naar de Nieuwe Wereld werden verscheept om daar aan blanke plantagehouders te worden verkocht. De Europeaan is in deze archetypische voorstelling altijd de wrede dader, de Afrikaan het veelal wil- en identiteitsloze slachtoffer. Het wekt daarom verwondering als blanken ook slachtoffer blijken te zijn van Afrikaanse slavernij, ook al zijn de handelaren Arabieren.

Tegelijkertijd komt het verhaal van Stout vertrouwd over. De behandeling van de christenslaven op de slavenmarkt roept associaties op met de handel in zwarte slaven zoals we die kennen uit de schoolboekjes. Ook de elf weken durende helletocht op de Kalbas, gekenmerkt door mishandeling, angst, ziekte, honger en kou, doet onwillekeurig denken aan de ontberingen van zwarte slaven zoals verbeeld in populaire televisieseries en films als Roots en Amistad.

Het wekt verwondering als blanken ook slachtoffer blijken te zijn van Afrikaanse slavernij, ook al zijn de handelaren Arabieren

 

Het is precies deze mix van bevreemding en vertrouwdheid die de ‘niet-westerse slavenhandel’ voor westerse onderzoekers tot een potentieel mijnenveld maakt. In 2004 publiceerde de Franse historicus Olivier Pétré-Grenouilleau zijn beroemde werk Les traites négrières (‘De slavenhandels’). Daarin besteedde hij niet alleen aandacht aan de Europese, maar ook aan de Afrikaanse inheemse en de Arabische slavenhandel. Bovendien stelde hij dat de laatste twee omvangrijker waren dan hun trans-Atlantische tegenhanger. Woedende reacties van nazaten van zwarte slaven waren zijn deel.

 

lees hier verder