CIDI: Kabinet voornemens jaarlijkse bijdrage UNRWA voort te zetten

Kabinet voornemens jaarlijkse bijdrage UNRWA voort te zetten

IN NEDERLAND / Door: ELKAN VAN DER RAAF / 5 aug 2019
Het Kabinet is voornemens de jaarlijkse bijdrage aan UNRWA de komende jaren voort te zetten. Dat laat minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Sigrid Kaag weten in antwoord op vragen door PVV-Kamerleden Raymond de Roon en Danai van Weerdenburg over het corruptieschandaal bij de VN-organisatie voor Palestijnse vluchtelingen.

Afgelopen week kwam een vernietigend rapport naar buiten van de ethische commissie inzake UNRWA. De top van de omstreden vluchtelingenorganisatie zou zich schuldig maken aan integriteitsschendingen en corruptie. Een kleine kring binnen het management, waaronder secretaris-generaal Pierre Krähenbühl, zou onder meer betrokken zijn bij “machtsmisbruik voor persoonlijk gewin en het onderdrukken van afwijkende meningen”. Ook zou Krähenbühl zijn positie gebruiken om excessief te reizen met zijn adviseur, met wie hij “meer dan een professionele relatie” heeft.

Voorlopige opschorting jaarlijkse bijdrage UNRWA
Een dag na het uitkomen van het rapport liet het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken weten aan de NOS dat de jaarlijkse bijdrage van 13 miljoen van Nederland euro “voorlopig wordt opgeschort.” Eerst moet een bevredigend antwoord van de VN uit New York komen, zo schrijft minister Kaag volgens de NOS.

Dit standpunt wordt door de minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking herhaald in antwoord op Kamervragen van Raymond de Roon en Danai van Weerdenburg (PVV). “Nederland wil niet vooruitlopen op de uitkomsten van het onderzoek van OIOS en heeft besloten de bijdrage aan UNRWA vooralsnog aan te houden totdat de VN opheldering geeft over de beschuldigingen en adequaat optreedt.” Gelijktijdig met de antwoorden is een Kamerbrief over het aanhouden van steun aan UNRWA aan de Tweede Kamer gestuurd.

Opmerkelijk genoeg is de Kamerbrief waarmee het parlement wordt geïnformeerd over de het staken van de financiële steun aan UNRWA pas op 5 augustus gepubliceerd. De NOS was echter al op 30 juli op de hoogte – wat betekent dat Kamerleden via de media moesten vernemen over het besluit van het ministerie van Buitenlandse Zaken inzake de VN-organisatie.